|
In de nacht van 2 op 3 oktober 1574 stort een deel van de verzwakte stadsmuur bij de Koepoort met groot lawaai in.
De Spanjaarden, een uitval en het opkomend water vrezend, vluchten
in paniek. De bevolking kan het nog niet geloven. Een kleine jongen,
Cornelis Joppensz, sluipt naar de Lammenschans en vindt deze
inderdaad verlaten.
De belegeraars moeten zeer overhaast zijn
vertrokken want in de schans staat nog een klaargemaakte maaltijd
van wortelen, uien, vlees en pastinaken op het vuur, die hutspot genoemd zal worden. En om acht uur in de morgen van 3
oktober komen de Watergeuzen onder bevel van De Boisot met hun
vaartuigen via de Vliet de stad binnen en brengen voor de
uitgehongerde bevolking haring en wittebrood mee.
Het ontzet is een feit !
|